Fotografie voor beginners
De website wordt niet meer actief bijgehouden. Lees hier meer.

Tips voor het fotograferen in de Manuele stand

De Manuele voorkeuzestand op een camera / dSLR lijkt alleen voor de gevorderden gemaakt, maar na het lezen van dit artikel kun jij ook met deze stand overweg. Want het is niet moeilijk om erachter te komen welke instellingen je nodig hebt om in deze stand kwalitatief goede foto’s te maken. Deze techniek gebruik ik wanneer ik in een goed belichte of gecontroleerde omgeving (voor productfotografie) foto’s maak, en ik wil deze graag met jullie delen.

Tevens gebruik ik deze tips ook wanneer ik portretfoto’s maak met mijn Canon EF 85mm f/1.8 USM.

De juiste instellingen vinden

Allereerst moet je een aantal basisinstellingen hebben, namelijk je diafragma en ISO gevoeligheid. Ik ga in dit artikel uit van het eerder genoemde Canon EF 85mm f/1.8 USM objectief.

Dit objectief maakt werkelijk haarscherpe foto’s op diafragma f/2.8 en dat is het diafragma wat ik ga gebruiken. Daarbij is er genoeg licht, dus de ISO stel ik laag in, namelijk op ISO 200. Het enige wat ik nu niet weet, is mijn sluitertijd.

De camera staat op dit moment ingesteld op diafragmavoorkeuzestand (Afgekort Av bij Canon)

De sluitertijd ga ik achterhalen door van het onderwerp of persoon een foto te maken. Na het bekijken van de foto bepaal ik via het histogram of de belichting goed is en of er geen onder- of overbelichte plekken op de foto aanwezig zijn.

Is dat niet het geval en is de foto helder genoeg, dan draai ik de modusknop (de draaiknop bovenop de camera waarmee je verschillende soorten modi kan kiezen) naar Manueel. Hiermee activeer ik de Manuele Stand.

Manuele stand

In de Manuele stand neem je alle instellingen over die je hiervoor hebt ingesteld. Deze instellingen zijn het diafragma, ISO gevoeligheid en de sluitertijd.

Fictief gaan we uit van het volgende: het diafragma wordt ingesteld op f/2.8, de ISO gevoeligheid op ISO 200 en de sluitertijd bedraagt 1/250e.

Bijstellen

Zolang het licht niet veranderd, kun je deze instellingen blijven gebruiken. Merk je dat het licht minder wordt en wil je het op zeker spelen?

Draai dan de modusknop terug naar diafragmavoorkeuzestand en verhoog de ISO naar 400 (of hoger). Maak opnieuw een foto en bekijk of de foto goed belicht is en of de sluitertijd erg verhoogd is.

Neem de nieuwe instellingen over nadat je de modusknop weer naar Manueel draait en je kunt verder gaan met fotograferen.

Heb je al wat meer ervaring met het aanpassen van de sluitertijd en vind je het niet nodig om terug te draaien naar de diafragmavoorkeuzestand? Verhoog dan de ISO naar 400 (of hoger) en verander de sluitertijd op gevoel en maak een nieuwe testfoto. Kans is dat de foto te donker is of veel te licht. Pas nog een paar keer de sluitertijd aan totdat je weer de juiste instellingen hebt.

De tweede methode kost meer tijd omdat je langer over de fijnafstelling van de sluitertijd doet.

Wanneer gebruik je de manuele stand?

Zelf fotografeer ik altijd op de diafragmavoorkeuzestand en ik laat de camera dan de lichtmeting verzorgen. Maar soms gaat de camera de fout in door een donkere achtergrond of een sterke lichtbron in het beeld van de zoeker. Hierdoor kan de lichtmeting, hoe goed deze tegenwoordig ook is, toch enigszins van slag raken.

Gebruik deze tips wanneer je merkt dat de lichtmeting van de camera niet consistent is omdat er ergens een sterke lichtbron is of er zijn kleine veranderingen in het licht die later nog aan te passen zijn (als je in RAW fotografeert).

Een hele andere situatie waarin je dit ook kunt gebruiken is wanneer je wilt fotograferen in een donkere ruimte met een externe flits. Je stelt de flits en de camera dan volledig handmatig in.

Je bepaalt de sterkte van het objectief door een paar testfoto’s te maken en je zet de flits dan op M. Hetzelfde doe je met de camera, je kiest in de diafragmavoorkeuzestand het diafragma en de ISO gevoeligheid en gaat af op de helderheid van de foto’s om de sluitertijd te bepalen. Vervolgens stel je alles in op Manueel en je maakt nog een paar testfoto’s om te zien of de instellingen juist zijn.

In deze situatie weet je altijd dat de camera dezelfde foto’s zal maken, ongeacht het aanwezige omgevingslicht. Je hebt altijd controle over de belichting en komt niet voor verrassingen te staan. Die heb ik zelf namelijk een keer gehad, ene keer waren de foto’s heel hard ingeflitst en de andere keer kon je de flits niet herkennen omdat ik geen vaste instellingen gebruikte..

Conclusie

Het is niet moeilijk om de juiste instellingen voor de Manuele stand te vinden. Je moet weten welk diafragma en ISO gevoeligheid je wilt gebruiken en de sluitertijd bepaal je door een of meerdere testfoto’s te maken.

Dan heb je de basis voor de Manuele stand al gevonden. Belangrijk is wel dat je regelmatig het histogram controleert. Dit is omdat je in een ongecontroleerde omgeving (bijvoorbeeld in een bos tijdens een fotoshoot) toch te maken hebt met veranderende lichtomstandigheden, waar de camera geen rekening mee houdt omdat jij verantwoordelijk bent voor de lichtmeting.

Experimenteer er eens op los!